In deze terugkerende serie over speechen en spreken in het openbaar volgens de tips van Dale Carnegie gaan we in op de gelegenheidspeech: de toespraak bij een speciale gebeurtenis. Om maar direct het verband met Toastmasters te geven: de naam ‘Toastmasters’ – ‘proostmeesters’ is afgeleid van het ‘proost uitbrengen’, oftewel het leuk korte tafelrede kunnen uitspreken bij een receptie. Als er iéts is wat een lid van de Amsterdamse Brugman Club moet kunnen dan is het wel ‘proosten’. En toch is het niet ‘vanzelfsprekend’. Wat adviseert Carnegie in “The Art of Public Speaking”?

De kunst van de gelegenheidstoespraak

Carnegie opent met een citaat van Emerson: “Het inzien van onzin maakt dat je verstandig zult willen zijn.” Dit zet de toon voor het hoofdstuk, waarin hij benadrukt dat het geven van een briljante en vermakelijke toespraken eigenlijk een heel serieuze zaak is. Hij merkt op dat deze gelegenheden een unieke uitdaging en kans bieden voor sprekers.

Verdiep je in je publiek en de omstandigheden

“Geen sociale speech kan slagen tenzij deze precies bij de gelegenheid past,” stelt Carnegie. Hij benadrukt het belang van het bestuderen van de gelegenheid en het kennen van je publiek. Hij haalt een voorbeeld aan van de Amerikaanse schrijver en spreker Mark Twain, die in 1879 werd uitgenodigd op een banket waar veteranen en de beroemde generaal Ulysses Grant aanwezig waren. Hij werd gevraagd om als afsluitende redenaar een dronk uit te brengen op ‘de vrouw’. Hij was de vijftiende spreker – wie zou nog naar hem luisteren? Hij veranderde het afgezaagde onderwerp dus naar ‘de babies’, die hij grappig en welsprekend beschreef als dictatoriale bevelhebbers, die de baas zijn over hun soldaat-vaders, de toekomst van Amerika, de opperbevelhebber over vijftig jaar die nu nog slaapt in zijn wieg en de generaals van dit moment die 56 jaar geleden nog op hun teen lagen te zuigen. Het is een toespraak vol grappige vergelijkingen, precies toegeschreven naar de gelegenheid, waar hij van te voren goed over had nagedacht en die hij had uitgeschreven.

Humor: krachtig maar pas op

Carnegie gelooft sterk in de kracht van humor. “Er is geen manier, kort van pure spreekkracht, die zo zeker naar het hart van een publiek leidt als rijke, passende humor.” Hij waarschuwt echter voor het gebruik van humor zonder verband en benadrukt het belang van relevantie en timing. Carnegie benadrukt dat een succesvolle toespraak vaak een mix is van ernst en humor. “Humor alleen scoort zelden zo zwaar als de twee gecombineerd,” zegt hij. Het gaat erom het juiste evenwicht te vinden en (herhaalt hij) je publiek te kennen.

Originaliteit en authenticiteit

In gelegenheids-speeches is originaliteit cruciaal. Carnegie adviseert: “Wees zo origineel als je kunt.” Hij waarschuwt tegen het gebruik van afgezaagde meningen en clichés, en moedigt sprekers aan om authentiek en vernieuwend te zijn – eigenlijk zoals Twain, die bewust afweek van wat hem gevraagd werd.

Kort en krachtige speeches zijn beter

Tot slot herinnert Carnegie ons aan het belang van beknopte toespraken: “Gezegend is de man die korte toespraken maakt, want hij zal worden uitgenodigd om weer te spreken.” Dit benadrukt het belang van het respecteren van de tijd van je publiek en het leveren van een krachtige, gedenkwaardige boodschap.

Nog steeds waar

Dale Carnegie’s benadering van spreken bij speciale gelegenheden combineert humor, relevantie, originaliteit en beknopte kracht. Zijn lessen zijn vandaag de dag nog steeds van nuttig voor iedereen die zijn vaardigheden in openbaar spreken wil verbeteren en zijn publiek wil boeien en entertainen.

Carnegie doet in zijn boek een aantal suggesties voor oefenspeeches ‘een toespraak op een receptie met een beroemdheid’, een ‘toast bij een zakelijke bijeenkomst’, maar dat kun je natuurlijk bij ons op het podium van de Amsterdamse Brugman Club gewoon in de praktijk brengen. Dus kom langs en spreek!

Plaats een reactie