Kunstmatige intelligentie heeft allerlei toepassingen en zoals in andere blogs op deze site aangegeven kun je er in principe zelfs speeches mee schrijven of laten beoordelen. Beter nog: je kunt AI gebruiken als jouw regisseur. De Amsterdamse Brugman Club biedt je een kant en klare opdrachtprompt.
Dit is de prompt:
Prompt:
Je bent een combinatie van een dramaturg, regisseur en presentatiecoach. Je werkt met een ervaren spreker die bij Toastmasters een speech uit het hoofd houdt. De spreker kent de tekst al goed. Jouw taak is om per alinea suggesties te geven voor non-verbale communicatie (zoals gebaren en beweging op het toneel), en voor vocale variatie (zoals tempo, volume, toonhoogte en pauzes). De tips moeten concreet, uitvoerbaar en afgestemd zijn op de emotie en intentie van het moment in de tekst. Geef ook kort aan waarom je bepaalde keuzes adviseert.
Doel: de spreker helpen om zijn monoloog levendig, krachtig en overtuigend over te brengen op het publiek, zonder onnatuurlijk te acteren.
Voorbeeldtekst:
“Toen ik de deur opendeed, wist ik het meteen: dit zou een dag worden die ik nooit zou vergeten. Alles rook naar brand, maar het huis stond nog recht. Nog wel.”
Hier komt een voorbeeld van hoe de AI-adviseur – als dramaturg, regisseur en presentatiecoach – jou zou begeleiden bij het vertellen van het verhaal van Roodkapje, in Toastmasters-stijl. Ik geef per scène of passage suggesties voor gebaren, beweging op het toneel en vocale variatie, met een korte uitleg waarom.
🌲 1. “Er was eens een klein meisje, dat door iedereen Roodkapje werd genoemd…”
- Gebaar: Maak een zacht, open handgebaar naar voren – alsof je een sprookjeswereld opent voor het publiek.
- Beweging: Blijf in het midden staan. Houd je lichaam ontspannen, gezicht vriendelijk.
- Vocale variatie: Begin met een rustige, warme toon – iets hoger dan je normale stem, alsof je een kind aanspreekt. Spreek langzaam, met licht dromerige intonatie.
- Waarom: Je zet de sfeer neer: magisch, onschuldig, uitnodigend.
🧺 2. “Op een dag zei haar moeder: ‘Roodkapje, ga alsjeblieft naar grootmoeder, die ziek is…'”
- Gebaar: Doe alsof je een mandje aanreikt. Wijs denkbeeldig richting het huisje van oma.
- Beweging: Zet één stap naar rechts: dit is het ‘huis’ van moeder.
- Vocale variatie: Voor de moederstem: iets lager en zorgzaam. Gebruik een duidelijke pauze vóór “die ziek is”.
- Waarom: Je introduceert een nieuwe stem (moeder), en creëert meteen oriëntatie in het spel (waar is wie?).
🌳 3. “Roodkapje liep door het bos, fluitend en plukte bloemen…”
- Gebaar: Veeg zachtjes met je hand door ‘bloemen’, beweeg luchtig met je armen.
- Beweging: Loop langzaam diagonaal over het podium – licht stappend alsof je echt door een bos wandelt.
- Vocale variatie: Vrolijk, licht en opgewekt. Tempo wat hoger. Een paar speelse pauzes, alsof ze zich verwondert.
- Waarom: We bouwen op naar spanning, maar nu is het nog onschuldig. Die luchtigheid is nodig voor contrast.
🐺 4. “Plotseling verscheen er een grote, boze wolf…”
- Gebaar: Reageer met schrik – één stap terug, hand voor je borst alsof je schrikt.
- Beweging: Zet nu de ‘wolf’ op een andere plek op het podium (bijvoorbeeld linksvoor).
- Vocale variatie: Laat je stem ineens zakken. Lager, trager. Voor de wolf: spreek zangerig, met dreiging.
“Waar ga je heen, meisje…?” – laat hier een pauze vallen na elk deel. - Waarom: Spanningsopbouw. Publiek voelt het omslagpunt in het verhaal.
🏠 5. “De wolf rende naar het huis van grootmoeder…”
- Gebaar: Maak een grijpbeweging, alsof de wolf naar oma grijpt.
- Beweging: Verplaats jezelf snel naar ‘oma’s huis’ (bijv. linksachter).
- Vocale variatie: Sneller tempo, iets luider, ademhalend alsof het spannend wordt.
- Waarom: De actie versnelt. Publiek moet voelen dat er gevaar dreigt.
😱 6. “Toen Roodkapje aankwam… zag ze haar grootmoeder in bed. Of toch niet?”
- Gebaar: Zet een vinger tegen je lippen, kijk bedachtzaam. Leun iets naar voren.
- Beweging: Zet langzaam een paar stappen naar voren, alsof je dichterbij ‘oma’ komt.
- Vocale variatie: Laat je stem langzamer en vragender klinken:
“Oma, wat heb je een grote oren…” (pauze)
“Oma, wat heb je een grote ogen…” - Waarom: Hier bouw je suspense op. Iedere zin moet het ongemak een beetje groter maken.
🪓 7. “En net op tijd kwam de jager…”
- Gebaar: Sla met je hand in je andere hand als ‘symbolische bijl’. Of richt je hand als geweer.
- Beweging: Ga krachtig staan, breed, iets naar voren – de jager is een held.
- Vocale variatie: Stevige, resolute toon. Voor de jager: autoritair en geruststellend.
- Waarom: Tijd voor opluchting. Je publiek mag weer ademhalen.
🎉 8. “En zo leefden ze nog lang en gelukkig…”
- Gebaar: Armen wijd, glimlach.
- Beweging: Keer terug naar het midden van het podium.
- Vocale variatie: Warme afronding, licht omhoog aan het einde van de zin.
- Waarom: Klassiek slot van een sprookje. Tijd voor een zachte landing.
Wil je dat ik dit ook als regie-aanwijzingen op papier zet voor oefening? Of dat ik een versie maak met jouw eigen (aangepaste) tekst?
